Eerste nacht in de vouwwagen
Na een gedegen voorbereiding gaan we met de vouwwagen, inclusief twee nieuwe fietsen, op weg naar het zuiden. Onze eerste stop wordt Esch-sur-Sûre. Daar waren we bijna een halve eeuw geleden voor het laatst. Hoe zal het daar nu zijn? En, hoe zullen we de eerste nacht in ons kampeermiddel doorbrengen?
Het moet een bijzonder gezicht zijn. Een volgepakte vouwwagen met de glimmende mintgroene fietsen op de speciale drager op de dissel. We krijgen het gevoel aan een heuse expeditie te beginnen wanneer we de snelweg opdraaien. Nu gaat het echt beginnen.

Voor ons ligt een route van ruim tweeduizend kilometer. Snel zal het niet gaan, want we houden ons keurig aan de maximumsnelheid. Voor ons is het rijden met een wagentje achter de auto een geheel nieuwe ervaring. Met de Camp-let achter de auto rijden we ongeveer 90 kilometer per uur. Harder kunnen we trouwens ook niet, want het is druk. Daar zijn we in Spanje niet meer aan gewend.
Esch-sur-Sûre, een sprong in de tijd
Ons doel voor vandaag is Esch-sur-Sûre in Luxemburg. Meer dan veertig jaar geleden waren we hier voor het laatst. Terwijl we langzaam met de stroom mee rijden, vragen we ons af of we het nog zullen herkennen. Wat zal er in al die decennia veranderd zijn? Is de magie van dit verborgen pareltje in de Ardennen bewaard gebleven, of heeft de tijd het dorp onherkenbaar getransformeerd?
In de loop van de middag bereiken we Camping Im Aal. Bij de eerste aanblik moeten we even slikken; de camping is nauwelijks meer te herkennen. Waar vroeger open velden waren, staan nu veel stacaravans en chalets die vaste plekken innemen. Aan het einde van de camping vinden we een plekje bijna aan de rivier, op loopafstand van het dorp. De kabbelende Sûre vormt een rustgevend achtergrondgeluid, precies wat we nodig hebben na een dag in het drukke verkeer.
Helaas, een beschadigd neuswiel

Opzetten van de vouwwagen blijkt echter een grotere uitdaging dan verwacht. Onderweg in Bastogne kregen we te maken met een paar nare verkeersdrempels. Hoewel we voorzichtig reden, raakte het neuswiel van de vouwwagen beschadigd. Blijkbaar zat het niet goed vast en heeft het wat klappen opgevangen.
Even vrezen we dat de koppeling geforceerd is, want met geen mogelijkheid krijgen we de kar los van de trekhaak. Het lijkt wel of de auto mee omhoog komt als we proberen te ontkoppelen. Op zich is dat wel logisch, want de vouwwagen is zwaarder dan toen we hem bij de Vouwwagenspecialist in Boxtel ophaalden. Dat gewicht drukt de auto naar beneden. Als we het neuswieltje opdraaien, komt de auto natuurlijk ook omhoog.
Uiteindelijk, met wat geduld en kracht, lukt het om de vouwwagen los te krijgen. Stap één van de hindernisbaan is genomen. Gelukkig verloopt de opbouw verloopt gelukkig voorspoedig, al maken we een klassieke kampeerfout.
Het grondzeil moet je natuurlijk neerleggen voordat de tent staat. Wij doen het andersom, wat het een stuk lastiger maakt om alles strak te krijgen. Na een uurtje staat de boel en ligt alles op zijn plek. Het is tijd voor een welverdiende versnapering terwijl we uitkijken over het water.
Hier staat de tijd stil

Esch sur Sûre is een plek met een rijke historie. Het dorp is strategisch gelegen in een scherpe lus van de rivier de Sûre en wordt gedomineerd door de imposante ruïne van een kasteel uit de tiende eeuw. Ooit was dit de zetel van de ridders van Esch, die over de omliggende valleien heersten.
De smalle straatjes en de witgekalkte huizen die tegen de rotswand geplakt lijken, geven het dorp een bijna sprookjesachtig uiterlijk. Nog steeds is het een van de kleinste en meest pittoreske gemeentes van Luxemburg.
Wanneer de zon ondergaat, daalt de temperatuur razendsnel. Overdag is het prachtig weer, maar zodra het donker wordt, dringt de kou door het doek van de tent. Het is onze eerste nacht in de vouwwagen en we zijn benieuwd hoe dat zal bevallen. Gelukkig hebben we een dik dekbed. Ondanks de koude nacht slapen we heerlijk en worden we fris wakker voor onze verkenningstocht van het dorp.
Wandelen langs de rivier
Over een pad langs de rivier wandelen we naar het centrum. Hoog boven ons torenen de kasteelruïnes uit. Even overwegen we om naar boven te klimmen voor het uitzicht, maar laten dat idee snel varen. Van een afstandje is het kasteel ook prachtig, vinden we. In plaats daarvan besluiten we naar de andere kant van het dorp te lopen. In onze herinnering lag daar vroeger een camping, vlak achter de grote stuwdam.

Groot is de teleurstelling als we ontdekken dat die kampeerplek niet meer bestaat. Een stevig hek sluit het pad naar de stuwdam af. Er kan inderdaad heel wat veranderen in 45 jaar. De stuwdam zelf, die in de jaren vijftig werd gebouwd om drinkwater te leveren en elektriciteit op te wekken, blijft een indrukwekkend staaltje techniek, maar de toegankelijkheid van weleer is verdwenen.
Contant betalen, echt waar?

Voordat we terugkeren naar de camping, strijken we neer op het terras van Smaach ëm de Séi a mei voor een eenvoudige lunch. De locatie is perfect met uitzicht op de rivier. Toch vertrekken we zonder een hap gegeten te hebben, want de dame achter de bar meldt ons dat we alleen contant kunnen afrekenen. “Dann können Sie im Hotel zahlen.” Als we willen pinnen, moeten we dus naar een hotel verderop, waar ze bovendien drie procent extra rekenen voor pinpassen en creditcards.
Aangezien we niet genoeg cash bij ons hebben en er geen betaalautomaat in het hele dorp te vinden is, staan we voor een raadsel. Is dit Luxemburg anno 2026? Het voelt bijna middeleeuws. Daarom pakken we de auto en rijden naar een dorpje verderop waar drie supermarkten naast elkaar liggen. Daar kunnen we gelukkig pinnen. Ook maken we van de gelegenheid gebruik om de tank vol te gooien. Brandstof is hier nog steeds een stuk goedkoper dan in Nederland.





Volgende etappe, Langres
De rest van de middag houden we echt vakantie. Het is eind april en de thermometer tikt de 20 graden aan. De zon staat hoog aan een strakblauwe hemel. Met uitzicht op de omringende bergen hebben een rustmoment bij de vouwwagen en laden we de batterij op voor de volgende etappe.
Voor morgen staat Langres, een rit van 400 kilometer, op het programma. Ook dat is een bekende plek voor ons. Dit keer geen wandeling over de stadsmuren. Nu willen we op zoek naar een bijzonder plekje dat pas een paar decennia geleden werd ontdekt. In ons volgende blog lees je er alles over.
Praktische informatie
- Camping Im Aal ligt op ongeveer een halve kilometer van het dorp, wat een ideale afstand is voor een wandeling.
- De prijs is inclusief douche, water en stroom, wat wel zo overzichtelijk is.
- Het sanitair is wat gedateerd, maar het is schoon en functioneel.
- Er is een café op het terrein.
- Prijs: 25 euro.
Houd er rekening mee dat er overdag wat verkeershinder kan zijn van de doorgaande weg die vlak langs de camping loopt. ‘s Nachts is het stil.


Geef een reactie